googelden

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • goo·gel·den

Werkwoord

vervoeging van
googelen

googelden

  1. meervoud verleden tijd van googelen
    • Wij googelden. 
    • Jullie googelden. 
    • Zij googelden.