goedwilligers

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • goed·wil·li·gers

Bijvoeglijk naamwoord

goedwilligers

  1. partitief van de vergrotende trap van goedwillig
    • Dat is iets goedwilligers...