godverlaten

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • god·ver·la·ten
Woordherkomst en -opbouw
stellend
onverbogen godverlaten
verbogen
partitief godverlatens

Bijvoeglijk naamwoord

godverlaten [1]

  1. heel erg vervelend, letterlijk: zelfs niet meer op de steun van god kunnen rekenen
    • Erwin Kompanje, medisch filosoof en klinisch ethicus van het Erasmus Universitair Medisch Centrum, schrijft in zijn blog erwinkompanje.wordpress.com órgaandonatie is niet zo vanzelfsprekend als de mensen "die het spel niet spelen"(lees politici) veelal denken'. Hij noemt het leed van de betrokken families 'godverlaten intens'.[2] 
     Vanavond werd ik verplicht om naast graaf Bryston plaats te nemen, een pretentieuze blaaskaak die zeer weinig aan het hof is geweest. Hij is de bestuurder van een of ander godverlaten moerasland in het noorden en verkeert blijkbaar in de veronderstelling dat hij, vanwege de loyaliteit van zijn voorouders aan het koningshuis, over de koninklijke familie mag zeggen wat hij wil.[3]
  2. heel erg eenzaam en verlaten
    • Het is extra treurig dat het liefdeskoppel J. en R. uit A. midden in de nacht over een godverlaten brug liep: ook al zou je willen, 'aanstoot geven'is dan heel moeilijk. Het bendeclubje moet echt gezocht hebben voordat ze hun doelwit vonden. Een verwoede speurtocht naar verdwaalde homo's in de nacht.[4] 
    • Ook in beeld weten de makers de sfeer van beklemming en afzondering mooi invoelbaar te maken. Blauwgrijs en uitgebeend oogt het eiland, een godverlaten plek aan het einde van de wereld.[5] 
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

94 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[6]

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Volkskrant Laura De Jong 14 september 2016
  3. Danielle Teller (vert. Marja Borg) “Er was eens iets anders” (2018), Ambo/Anthos uitgevers op Wikipedia, ISBN 9789026346477
  4. Volkskrant Stephan Sanders 6 april 2017
  5. Volkskrant Kevin Toma 23 september 2016
  6. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be