gloeiend

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • gloei·end
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen gloeiend gloeiender gloeiendst
verbogen gloeiende gloeiendere gloeiendste
partitief gloeiends gloeienders -

Bijvoeglijk naamwoord

gloeiend [1]

  1. kokendheet
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
  • Gloeiende kolen op iemands hoofd stapelen
Iemand die jou vijandig gezind is, vriendelijk tegemoet treden, waardoor hij beschaamd gemaakt wordt. (Bron: Bijbel en Cultuur)
  • Een druppel op de gloeiende plaat zijn
zeer onvoldoende zijn om iets op te lossen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
gloeien

gloeiend

  1. onvoltooid deelwoord van gloeien

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen