globaal

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • glo·baal
Woordherkomst en -opbouw
  • afgeleid van globe met het achtervoegsel -aal (vanwege oudere vindplaatsen in het Nederlands ligt ontlening aan het Frans niet voor de hand) [1][2]
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen globaal globaler globaalst
verbogen globale globalere globaalste
partitief globaals globalers -

Bijvoeglijk naamwoord

globaal

  1. niet in bijzonderheden afdalend, ongedetailleerd, ongeveer, benaderend
    • De inspecteur begon met een globale schouw. 
    • Bijgevoegd is een globale raming van de kosten. 
    • (…) eene Rekening en Verantwoording, waarin de Posten zodanig globaal, en zonder specifique opgave zijn ter neder gesteld, dat het voor ons onmogelijk is, daaruit de deugdelijkheid (…) te kunnen beoordeelen. [3]
  2. (Vlaams) volledig, totaal, compleet
    • De partij wil een globaal plan voor de verkeersveiligheid voor de hele gemeente. 
  3. wereldwijd, mondiaal
    • Het bedrijf reorganiseert om in de globale markt nog een rol te kunnen spelen. 
  4. (verouderd) op het geheel betrekking hebbend
    • Het is ons voorts niet mogelijk geweest, alle opgaven in dit werk ten toets te brengen: de goede (globaal opgegevene) bronnen en de naauwkeurigheid des Schrijvers waarborgen de echtheid en juistheid van de meeste derzelven. [4]
Opmerkingen

Door de verschillende betekenissen kunnen zinnen met 'globaal' dubbelzinnig zijn.[5][6]

Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl
  2. Woordenboek der Nederlandse taal
  3. "Vergadering 9 september 1800" in: Handelingen van de Municipaliteit der stad Amsterdam. (1800) Stadsdrukkery Amsterdam, Amsterdam; p. 35; geraadpleegd 2016-09-05
  4. boekbespreking "Aardrijkskunde voor Zeevaart en Koophandel, naar het Engelsch van J. Hingston Tuckey. IIde tot Vde Deel." in: Vaderlandsche Letteroefeningen. (1824) G.S. Leeneman van der Kroe en J.W. IJntema, Amsterdam; p. 205; geraadpleegd 2016-09-05
  5. taaladvies.net: Globaal (inkomen)
  6. taaladvies.net: Globaal / mondiaal