glaasje
Uiterlijk
- glaas·je
het glaasje o
- verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord glas
- Een glaasje op de valreep
een glaasje tot afscheid, wanneer men op het punt staat van afscheid te nemen [3]
- Te diep in het glaasje kijken
te veel alcohol drinken en daardoor erg dronken zijn
- glaasje op, laat je rijden
als je alcohol hebt gedronken moet je niet gaan autorijden
- Het woord glaasje staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "glaasje" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 99 % | van de Vlamingen.[4] |
- ↑ “De Camino” (2021), Luitingh-Sijthoff
, ISBN 9789024582280 - ↑ Teuntje de Haan“Een muur van water” (2018), Em. Querido's Uitgeverij
, ISBN 9789021409375 - ↑ Stoett www.dbnl.org
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 7
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Zelfstandignaamwoordsvorm in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 99 %
- Prevalentie Vlaanderen 99 %