gezwindheid

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·zwind·heid
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord gezwindheid -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

gezwindheid v [1]

  1. rapheid, snelheid, vaart, vlugheid
Vertalingen
Verwijzingen
  1. Woordenboek der Nederlandse taal