Naar inhoud springen

gezondheid

Uit WikiWoordenboek
  • ge·zond·heid
enkelvoud meervoud
naamwoord gezondheid -
verkleinwoord - -

degezondheidv

  1. (medisch) welbevinden, in goede staat zijn
    • Zijn gezondheid was gelukkig niet in gevaar. 
     Het was gek om mijn gezondheid helemaal in handen van deze wonderlijke techniek te leggen, maar het leek mij de meest efficiënte optie.[1]
     Het aantal meldingen van rattenoverlast in Amsterdam is vorig jaar weer toegenomen. In 2024 ontving de gemeente 6800 meldingen, 600 meer dan het jaar daarvoor, meldt wethouder publieke gezondheid en preventie Alexander Scholtes in een brief aan de gemeenteraad.[2]

gezondheid!

  1. een uitroep als iemand niest of hoest
99 %van de Nederlanders;
100 %van de Vlamingen.[3]
  1. Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  2. Bronlink geraadpleegd op 19 april 2025 Weblink bron “Extra geld voor rattenbestrijding Amsterdam, maar 'rat hoort nu eenmaal in de stad'” (18 april 2025), NOS
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be

gezondheid

  1. (medisch) gezondheid; welbevinden, in goede staat zijn

gezondheid

  1. (medisch) gezondheid; welbevinden, in goede staat zijn