gewonnen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·won·nen
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
gewinnen

gewonnen

  1. meervoud verleden tijd van gewinnen
    • Wij gewonnen. 
    • Jullie gewonnen. 
    • Zij gewonnen. 
  2. voltooid deelwoord van gewinnen

Werkwoord

vervoeging van
winnen

gewonnen

  1. voltooid deelwoord van winnen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.