geweervogels
Uiterlijk

- (IPA in voorbereiding)
- ge·weer·vo·gels
- samenstelling van geweer zn en vogels zn
- geweervogel zn met de uitgang -s
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | geweervogels | |
| verkleinwoord |
de geweervogels mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord geweervogel
- meervoudsvorm als officiële benaming (zangvogels) een geslacht Ptiloris
van zangvogels uit de familie paradijsvogels (Paradisaeidae
). Mannetje en vrouwtje verschillen sterk in verenkleed en de mannetjes vertonen opvallend baltsgedrag. De naam geweervogel (riflebird) komt uit het Engels. De vogels lijken qua kleur op de uniformen van de Britse "riflemen" (infanteristen) uit het begin van de 19de eeuw
- Het woord 'geweervogels' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- [1] geweervogels op Wikidata

Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 12
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Zelfstandignaamwoordsvorm in het Nederlands
- Meervoudsvorm binnen nomenclatuur in het Nederlands
- Zangvogels in het Nederlands
- Vogels in het Nederlands
- Niet in Woordenlijst Nederlandse Taal