gevierd

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·vierd
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van: vieren…
verbogen vorm: gevierde

gevierd

  1. voltooid deelwoord van vieren
  2. vormt de lijdende vorm
     21 juni is de langste dag van het jaar die overal ter wereld op een unieke manier wordt gevierd.[2]
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen gevierd gevierder gevierdst
verbogen gevierde gevierdere gevierdste
partitief gevierds gevierders -

Bijvoeglijk naamwoord

gevierd

  1. door veel mensen bewonderd
    • De gevierde schrijver hield een lezing in de bibliotheek. 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[3]

Verwijzingen

  1. gevierd op website: Etymologiebank.nl
  2. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be