gever

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·ver
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord gever gevers
verkleinwoord gevertje gevertjes

Zelfstandig naamwoord

gever m [1]

  1. een persoon die geeft.
Verwante begrippen
Antoniemen
Hyponiemen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders
92 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen