getuigt

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·tuigt

Werkwoord

vervoeging van
getuigen

getuigt

  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van getuigen
    • Jij getuigt. 
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van getuigen
    • Hij getuigt. 
  3. verouderde gebiedende wijs meervoud van getuigen
    • Getuigt!