gespogen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·spo·gen
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
spugen

gespogen

  1. voltooid deelwoord van spugen
    • Ze hadden het gevoel dat hij op hen allen gespogen had.[1] 
Synoniemen

Verwijzingen

  1. Preussler, O. Meester van de zwarte molen, ed. 2003, p. 163