geschoold

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·schoold

Werkwoord

vervoeging van
scholen

geschoold

  1. voltooid deelwoord van scholen
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen geschoold geschoolder geschooldst
verbogen geschoolde geschooldere geschooldste
partitief geschoolds geschoolders -

Bijvoeglijk naamwoord

geschoold

  1. van een persoon dat hij of zij op school heeft gezeten en een relevante opleiding heeft genoten
    Geschoolde arbeiders verdienen meer dan ongeschoolde arbeiders.
Antoniemen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.