gerbil

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ger·bil
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘knaagdier’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1984 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord gerbil gerbils
verkleinwoord gerbilletje gerbilletjes

Zelfstandig naamwoord

gerbil m

  1. (zoogdieren) Gerbillinae, een ondersoort van de familie Muridae, die daarnaast ook de muizen, ratten, stekelmuizen en verwanten omvat
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

49 % van de Nederlanders;
29 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen


Engels

Woordherkomst en -opbouw
  • Van het Franse gerbille, vandaar verder te herleiden tot het Latijn en uiteindelijk het Arabisch
enkelvoud meervoud
gerbil gerbils

Zelfstandig naamwoord

gerbil

  1. gerbil, woestijnrat