gepassioneerd

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·pas·si·o·neerd
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen gepassioneerd gepassioneerder gepassioneerdst
verbogen gepassioneerde gepassioneerdere gepassioneerdste
partitief gepassioneerds gepassioneerders -

Bijvoeglijk naamwoord

gepassioneerd

  1. met veel emotie
    • De leerling hield een gepassioneerd betoog tegen de leraar om toch maar een voldoende voor zijn proefwerk te krijgen.  
Synoniemen

Werkwoord

vervoeging van: passioneren…
verbogen vorm: gepassioneerde

gepassioneerd

  1. voltooid deelwoord van passioneren

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be