geopend

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·opend
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
openen

geopend

  1. voltooid deelwoord van openen
stellend
onverbogen geopend
verbogen geopende
partitief geopends

Bijvoeglijk naamwoord

geopend

  1. opengemaakt, niet meer gesloten
    • Een geopend pak melk is nog maar beperkt houdbaar. 
  2. toegankelijk, begonnen
    • Het pas geopende museum trok veel bezoekers. 

Gangbaarheid