genoot mee
Uiterlijk
- Geluid: genoot mee (hulp, bestand)
- ge·noot mee
| vervoeging van |
|---|
| meegenieten |
genoot mee
- enkelvoud verleden tijd van meegenieten
- Ik genoot mee.
- Jij genoot mee.
- Hij, zij, het genoot mee.
- Ik genoot mee.
- Het woord genoot mee staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.