gendarme

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • gen·dar·me
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘rijkswachter in België’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1847 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord gendarme gendarmen
gendarmes
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

gendarme m [2] [3]

  1. (militair) (beroep) (geschiedenis) een militair met politietaken
     In Tain l'Hermitage wordt elk jaar zo'n file nagebootst met klassieke voertuigen. Vaak dragen chauffeurs en passagiers kleding uit de jaren vijftig en zestig, terwijl ze begeleid worden door gendarmes in originele uniformen, op klassieke motorfietsen. Van levensader tot nostalgisch themapark, een zwartkijker zou in de Nationale 7 een metafoor voor Frankrijk kunnen zien.[4]
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

80 % van de Nederlanders;
93 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen