gelijkzijdig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·lijk·zij·dig
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstellende afleiding van gelijk en zijde met het achtervoegsel -ig
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen gelijkzijdig gelijkzijdiger gelijkzijdigst
verbogen gelijkzijdige gelijkzijdigere gelijkzijdigste
partitief gelijkzijdigs gelijkzijdigers -

Bijvoeglijk naamwoord

gelijkzijdig

  1. (wiskunde) waarvan alle zijden gelijk in lengte zijn
    Een gelijkzijdige driehoek heeft hoeken ter grootte van π/3.
Verwante begrippen
Vertalingen