gelijkaardig

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·lijk·aar·dig
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstellende afleiding van gelijk en aard met het achtervoegsel -ig, gelijk van aard dus
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen gelijkaardig gelijkaardiger gelijkaardigst
verbogen gelijkaardige gelijkaardigere gelijkaardigste
partitief gelijkaardigs gelijkaardigers -

Bijvoeglijk naamwoord

gelijkaardig

  1. (Vlaanderen) vele overeenkomsten vertonend
    • Binnen een straal van vijf kilometer werden gelijkaardige verschijnselen opgemerkt. 
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

68 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.