Naar inhoud springen

gehoopt

Uit WikiWoordenboek
  • ge·hoopt
vervoeging van: hopen…
verbogen vorm: gehoopte

gehoopt

  1. voltooid deelwoord van hopen
     Ik had gehoopt dat ze wat aandacht voor Giorgos zouden hebben, maar kennelijk is wat er op de zaak gebeurt belangrijker.[1]
     Ze had al gehoopt dat haar tante hier zou komen en haar zou vinden.[2]
  1. Ronald Giphart e.a.
    “Een familie en een Griekse god” (2023), The House of Books, ISBN 9789044366471
  2. Jessie Burton vert. Mieke Trouw-Luyckx
    “Het huis aan de Herengracht” (2022), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024586332