gehaat

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·haat

Werkwoord

vervoeging van
haten

gehaat

  1. voltooid deelwoord van haten
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen gehaat gehater gehaatst
verbogen gehate gehatere gehaatste
partitief gehaats gehaters -

Bijvoeglijk naamwoord

gehaat

  1. haat opwekkend. ongeliefd, onbemind, verafschuwd
    De gehate leraar gaf heel veel onvoldoendes
Antoniemen