geestesoog

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • gees·tes·oog
enkelvoud meervoud
naamwoord geestesoog -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

geestesoog o

  1. de beelden die men zich in gedachte van iets vormt
    • Dan zie ik schalen vol spaghetti – eigelijk altijd met bolognesesaus of spaghetti carbonara – voor mijn geestesoog langsdampen en kan bijna nergens anders meer aan denken.. 
Vertalingen

Gangbaarheid

89 % van de Nederlanders;
78 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be


Afrikaans

enkelvoud meervoud
naamwoord geestesoog -

Zelfstandig naamwoord

geestesoog

  1. geestesoog