geefster

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • geef·ster
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord geefster geefsters
verkleinwoord geefstertje geefstertjes

Zelfstandig naamwoord

geefster v

  1. een vrouwelijke gever.

Gangbaarheid

91 % van de Nederlanders;
73 % van de Vlamingen.