gecharmeerd

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·char·meerd
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van: charmeren…
verbogen vorm: gecharmeerde

gecharmeerd

  1. voltooid deelwoord van charmeren

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen