geboortegolf

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·boor·te·golf
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord geboortegolf geboortegolven
verkleinwoord geboortegolfje geboortegolfjes

Zelfstandig naamwoord

geboortegolf [1]

  1. een opvallende tijdelijke toename in het aantal geboorten
    • Het Bureau voorziet in 2035 5.000 Nederlanders van 100 jaar of ouder, mede door de geboortegolf van na de Eerste Wereldoorlog.[2] 
    • China verruimt de toestemming voor het krijgen van meer dan één kind, want de vergrijzing wordt een probleem. De verwachte geboortegolf valt echter tegen.[3]  
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. NRC 17 mei 2017
  3. Volkskrant Marije Vlaskamp 24 juni 2015