gebaard

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·baard
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
baren

gebaard

  1. voltooid deelwoord van baren
    • Zij heeft in haar leven drie kinderen gebaard. 
Opmerkingen
  • In de lijdende vorm wordt geboren gebruikt.
Uitdrukkingen en gezegden
  • De berg heeft een muis gebaard
Woordherkomst en -opbouw
  • vervoeging van gebaren: de stam met de uitgang -d, zonder ge- vanwege voorvoegsel

Werkwoord

vervoeging van
gebaren

gebaard

  1. voltooid deelwoord van gebaren
Woordherkomst en -opbouw
  • afgeleid van baard met het voorvoegsel ge-
deelwoord
onverbogen gebaard
verbogen gebaarde
afgeleid van
baard

gebaard denominatief deelwoord afgeleid van het naamwoord baard

stellend vergrotend overtreffend
onverbogen gebaard gebaarder gebaardst
verbogen gebaarde gebaardere gebaardste
partitief gebaards gebaarders -

Bijvoeglijk naamwoord

gebaard [1]

  1. voorzien van een baard
    • Op het schilderij is een vrolijk lachende, gebaarde man geportretteerd. 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders
96 % van de Vlamingen.

Verwijzingen