geaderd

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·aderd
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen geaderd geaderder geaderdst
verbogen geaderde geaderdere geaderdste
partitief geaderds geaderders -

Bijvoeglijk naamwoord

geaderd

  1. Met aderen, bedekt met op aderen lijkende markeringen
    • Gebruik Roquefort of een andere blauw geaderde kaas. 
Synoniemen
Vertalingen
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
aderen

geaderd

  1. voltooid deelwoord van aderen

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders;
90 % van de Vlamingen.