gaswinning

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • gas·win·ning
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord gaswinning gaswinningen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

gaswinning v

  1. het produceren en behandelen van aardgas uit een gasveld
    • Door de gaswinning te halveren ten opzichte van 2012 en woningen en andere gebouwen te versterken, worden veiligheidsrisico's beperkt. [1] 
    • In het vorige kabinet heeft de top van de coalitie een "meedogenloos" besluit genomen, om de gaswinning niet sneller te reduceren. Met dat besluit is bewust veel risico genomen, waardoor zelfs doden hadden kunnen vallen [2] 

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1. Troonrede 2016
  2. www.nos.nl