gans

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Een gans.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • gans
enkelvoud meervoud
naamwoord gans ganzen
verkleinwoord gansje gansjes

Zelfstandig naamwoord

gans v/m [1]

  1. (vogels) Anserinae Wikispecies-logo-en.png, een vogel die tot de familie van de eendachtigen (Anatidae) behoort
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie

stellend
onverbogen gans
verbogen ganse

Bijvoeglijk naamwoord

gans [2]

  1. helemaal, heel
    In een blauw geruite kiel
    Draaide hij aan 't grote wiel
    De ga-a-a-anse dag
    Maar Michieltjes jongens hart
    Leed ondragelijke smart
    Ach-ach, ach-ach, ach-ach, ach-ach!
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Antoniemen
Vertalingen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl
  2. etymologiebank.nl