gallemieze

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • gal·le·mie·ze
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

gallemieze v/m

  1. (Jiddisch-Hebreeuws) in 'naar de gallemieze': te gronde
  2. (Jiddisch-Hebreeuws) in 'naar de gallemieze maken': bederven
  3. (Jiddisch-Hebreeuws) in 'aan de gallemieze liggen': blut zijn

Gangbaarheid

66 % van de Nederlanders;
9 % van de Vlamingen.

Verwijzingen