galantine

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

galantine
Uitspraak
Woordafbreking
  • ga·lan·ti·ne
Woordherkomst en -opbouw
  • uit het Frans [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord galantine galantines
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

galantine v/m [2]

  1. (voeding) koud vleesgerecht in gelei
     Ester Wouthuysen - die de boodschappen moest doen omdat de club dit keer in haar keuken bijeenkomt - kon niet alles krijgen. Zo heeft ze de gekookte kalfskop voor de galantine, een gelatinegerecht, vervangen door een kalfstong mét keelstuk.[3]
  2. (voeding) geleiachtig eiwit preparaat
Vertalingen

Gangbaarheid

38 % van de Nederlanders;
34 % van de Vlamingen.[4]

Verwijzingen

  1. galantine op website: Etymologiebank.nl
  2. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  3. Bronlink Weblink bron “Thuiseten: galantine” (25 februari 2012), Het Parool
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be