franje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search
Leren hemd (Nez Perce 1820) met franjes.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • fran·je
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘overbodige opsiering’ voor het eerst aangetroffen in 1704 [1]
  • [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord franje franjes
verkleinwoord franjetje franjetjes

Zelfstandig naamwoord

franje v/m

  1. (kleding) reeks afhangende draden die ter versiering aan de rand van een kleed of kledingstuk gehangen worden
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders
96 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

Meer informatie