formaat

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • for·maat
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord formaat formaten
verkleinwoord formaatje formaatjes

Zelfstandig naamwoord

formaat o

  1. grootte
    Het formaat van de posters.
  2. (informatica) vorm van een bestand
    Een publicatie in PDF-formaat.
Synoniemen
Vertalingen

Meer informatie