formaat

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • for·maat
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord formaat formaten
verkleinwoord formaatje formaatjes

Zelfstandig naamwoord

formaat o

  1. grootte
    • Het formaat van de posters. 
  2. (informatica) vorm van een bestand
    • Een publicatie in PDF-formaat. 
Synoniemen
Hyponiemen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl