fokken

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • fok·ken
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘aankweken, doen voorttelen’ voor het eerst aangetroffen in 1704 [1]
  • [2]
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
fokken
fokte
gefokt
zwak -t volledig

Werkwoord

fokken

  1. overgankelijk dieren houden om ze te laten voortplanten
    • Een aantal boeren in deze streek fokt nu ook parelhoenders. 
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Zelfstandig naamwoord

fokken mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord fok
Afgeleide begrippen

Verwijzingen