fokken

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • fok·ken
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
fokken
fokte
gefokt
zwak -t volledig

Werkwoord

fokken

  1. (overgankelijk) dieren houden om ze te laten voortplanten
    Een aantal boeren in deze streek fokt nu ook parelhoenders.
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Zelfstandig naamwoord

fokken mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord fok
Afgeleide begrippen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl