fluweelachtig

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • flu·weel·ach·tig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen fluweelachtig fluweelachtiger fluweelachtigst
verbogen fluweelachtige fluweelachtigere fluweelachtigste
partitief fluweelachtigs fluweelachtigers -

Bijvoeglijk naamwoord

fluweelachtig

  1. lijkend op of eigenschappen hebbend van fluweel
    • Wat is dit toch een lekkere zachte, fluweelachtige stof en wat prettig is het daar over te aaien. 

Gangbaarheid