floten

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • flo·ten

Werkwoord

vervoeging van
fluiten

floten

  1. meervoud verleden tijd van fluiten
    • Wij floten. 
    • Jullie floten. 
    • Zij floten. 

Gangbaarheid

53 % van de Nederlanders;
62 % van de Vlamingen.


Spaans

Werkwoord

vervoeging van
flotar

floten

  1. aanvoegende wijs derde persoon meervoud tegenwoordige tijd (presente) van flotar
  2. gebiedende wijs (bevestigend en ontkennend) derde persoon meervoud tegenwoordige tijd (presente) van flotar