flaut

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Noors

Woordherkomst en -opbouw
Woordafbreking
  • flaut

Bijvoeglijk naamwoord

flaut, o

  1. onbepaalde vorm onzijdig enkelvoud van de stellende trap van flau

Werkwoord

flaut

  1. verouderde spelling of vorm van fløyt van vóór 2005


Nynorsk

Woordafbreking
  • flaut

Werkwoord

flaut

  1. verleden tijd van flyta

Werkwoord

flaut

  1. verleden tijd van flyte