flatscreen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • flat·screen
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord flatscreen flatscreens
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

flatscreen o

  1. een televisie- of computerscherm met een vlak kijkoppervlak.

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be