Naar inhoud springen

flare

Uit WikiWoordenboek
  • flare
enkelvoud meervoud
naamwoord flare flares
verkleinwoord - -

deflarem

  1. (luchtvaart) fakkel die wordt afgeschoten vanuit een vliegtuig dat het doelwit van een hittezoekende raket is om deze van richting te doen veranderen
  2. (astronomie) uitbarsting aan het zonneoppervlak
  3. (optica) lichtvlek met stralen, veroorzaakt door een lamp of de zon
  4. (optica) op aarde zichtbare weerkaatsing van zonlicht op een satelliet
  5. (sport) (bij het parachutespringen) een manoeuvre vlak voor de landing waardoor de daalsnelheid en de voorwaartse snelheid van de parachute worden verminderd


enkelvoud meervoud
flare flares

flare

  1. flakkering
  2. opflakkering, opvlamming
  3. (figuurlijk) opwelling
  4. welving, zeeg [1]
  5. (optica) lichtvlek, flare [3]
  6. (luchtvaart) flare [1]
vervoeging
onbepaalde wijs to  flare 
he/she/it  flares 
verleden tijd  flared 
voltooid
deelwoord
 flared 
onvoltooid
deelwoord
 flaring 
gebiedende wijs  flare 

flare

  1. onovergankelijk flakkeren, opflakkeren
  2. onovergankelijk plotseling opkomen, plotseling op komen zetten, opwellen [2]
  3. onovergankelijk, (scheepvaart) een zeeg [1] vertonen
  4. overgankelijk doen opflakkeren