Naar inhoud springen

fixe

Uit WikiWoordenboek
  • fixe
  •  fix ww  met de uitgang -e
vervoeging van
fixen

fixe

  1. aanvoegende wijs van fixen


  • fix

fixe

  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd gebiedende wijs van fixen
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  fixe     le fixe     fixes     les fixes  

fixe m

  1. (spreektaal) spuit, heroïne-injectie [1]
  2. (spreektaal) vaste telefoon
    «Tu m’appelles d’un fixe? – Non, d’mon portable.»
    Bel je vanaf een vaste telefoon? – Nee, vanaf mijn mobieltje. [1]
  enkelvoud meervoud
  mannelijk  /
  vrouwelijk  
fixe fixes

fixe

  1. vast [1]; niet verplaatsbaar
  2. vooraf bepaald
  3. permanent
vervoeging van
fixer

fixe

  1. eerste en derde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (indicatif présent) van fixer
  2. eerste en derde persoon enkelvoud tegenwoordige aanvoegende wijs (subjonctif présent) van fixer
  3. tweede persoon enkelvoud gebiedende wijs (impératif présent) van fixer
  • fi·xe

fixe

  1. vocatief enkelvoud van fix