fixe
Uiterlijk
- fixe
| vervoeging van |
|---|
| fixen |
fixe
- aanvoegende wijs van fixen
- Het woord fixe staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- fix
fixe
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd gebiedende wijs van fixen
| enkelvoud | meervoud | ||
|---|---|---|---|
| zonder lidwoord | met lidwoord | zonder lidwoord | met lidwoord |
| fixe | le fixe | fixes | les fixes |
fixe m
- (spreektaal) spuit, heroïne-injectie [1]
- (spreektaal) vaste telefoon
- «Tu m’appelles d’un fixe? – Non, d’mon portable.»
- Bel je vanaf een vaste telefoon? – Nee, vanaf mijn mobieltje. [1]
- «Tu m’appelles d’un fixe? – Non, d’mon portable.»
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| mannelijk / vrouwelijk |
fixe | fixes |
fixe
| vervoeging van |
|---|
| fixer |
fixe
- IPA: /fɪksɛ/
- fi·xe
fixe
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 4
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Werkwoordsvorm in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Woorden in het Duits
- Woorden in het Duits van lengte 4
- Werkwoord in het Duits
- Werkwoordsvorm in het Duits
- Woorden in het Frans
- Woorden in het Frans van lengte 4
- Woorden in het Frans met audioweergave
- Woorden in het Frans met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Frans
- Spreektaal in het Frans
- Bijvoeglijk naamwoord in het Frans
- Werkwoordsvorm in het Frans
- Woorden in het Tsjechisch
- Woorden in het Tsjechisch met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Tsjechisch
- Zelfstandignaamwoordsvorm in het Tsjechisch