fitnessapparaatje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • fit·ness·ap·pa·raat·je

Zelfstandig naamwoord

fitnessapparaatje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord fitnessapparaat