filmen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • fil·men
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
filmen
filmde
gefilmd
zwak -d volledig

Werkwoord

filmen

  1. beelden van iets vastleggen op film
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen


Deens

Woordafbreking
  • fil·men

Zelfstandig naamwoord

filmen, g

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van film


Noors

Woordafbreking
  • fil·men
Naar frequentie 989

Zelfstandig naamwoord

filmen, m

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van film


Nynorsk

Woordafbreking
  • fil·men

Zelfstandig naamwoord

filmen, m

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van film


Spaans

Werkwoord

vervoeging van
filmar

filmen

  1. aanvoegende wijs derde persoon meervoud tegenwoordige tijd (presente) van filmar
  2. gebiedende wijs (bevestigend en ontkennend) derde persoon meervoud tegenwoordige tijd (presente) van filmar