filme

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • fil·me

Werkwoord

vervoeging van
filmen

filme

  1. aanvoegende wijs van filmen


Portugees

enkelvoud meervoud
filme filmes

Zelfstandig naamwoord

filme m

  1. film


Spaans

Werkwoord

vervoeging van
filmar

filme

  1. aanvoegende wijs eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van filmar
  2. aanvoegende wijs derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van filmar
  3. gebiedende wijs (bevestigend en ontkennend) derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van filmar


Tsjechisch

Uitspraak

Zelfstandig naamwoord

filme

  1. vocatief enkelvoud van film