fijnmalen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • fijn·ma·len
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
fijnmalen
maalde fijn
fijngemalen
gemengd volledig

Werkwoord

fijnmalen

  1. (overgankelijk) in heel kleine stukjes maken door te malen
    De molenaar maalde het graan fijn tot meel.

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders
98 % van de Vlamingen.