fijnmalen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • fijn·ma·len
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
fijnmalen


maalde fijn


fijngemaald


zwak -d volledig

Werkwoord

fijnmalen

  1. (overgankelijk) in heel kleine stukjes maken door te malen
    De molenaar maalde het graan fijn tot meel.