fietskamperen
Uiterlijk
- fiets·kam·pe·ren
- samenstelling van fiets en kamperen
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| fietskamperen |
fietskampeerde |
gefietskampeerd |
| zwak -d | volledig | |
fietskamperen
- inergatief een meerdaagse fietstocht maken waarbij men overnacht in een tent
- Het woord fietskamperen staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 13
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zwak werkwoord (-d) in het Nederlands
- Werkwoord in het Nederlands
- Niet-samengesteld werkwoord in het Nederlands
- Inergatief werkwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal