favoritisme

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • fa·vo·ri·tis·me
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord favoritisme
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

favoritisme o

  1. bepaalde mensen voortrekken; op een oneerlijke, onwettige manier mensen gunsten geven
    • De Pay Roll Company in Emmen beschuldigt de gemeente Almelo van ‘favoritisme’ bij de aanbesteding van werkzaamheden van Fusion, het gemeentelijke bedrijf voor reïntegratie van langdurig werklozen. [2] 
    • ‘Ze moeten hun programma uitvoeren, eens ze aan de macht zijn. Ze moeten de wensen respecteren van het volk, dat komaf wil maken met de verarming veroorzaakt door het liberalisme van zowel rechts als links. Ze moeten ook de wet respecteren, en de republikeinse moraal. Ik geef het toe, dat is veel gevraagd voor mensen die favoritisme, achterkamers en geheime deals met de rijken gewoon zijn.’ [3] 
Synoniemen
Antoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

66 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.

Verwijzingen