fatsoen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • fat·soen
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord fatsoen -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

fatsoen o

  1. goede manieren
    Probeer je fatsoen te bewaren, hoe boos je ook bent.
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl